Vuurtoren

We moeten onze eigen vuurtoren worden.

Hè, wat?

Onze eigen vuurtoren.

Je kent die prentjes wel: idyllische beelden van statig oprijzende lichttorens, ferm en standvastig op hun eiland in de woeste branding. Licht schijnend in de duisternis, om de woelig navigerende boten de weg te wijzen.

Stel je voor: jij kunt zo’n lichtbaken voor jezelf zijn.

Jij bént zo’n toren.

Ietwat boven jezelf uitstijgend – alsof je een beetje boven je hoofd uittorent – hou je jezelf constant in de gaten.

Met name: alles wat er binnenin je gebeurt.

De bundels van licht cirkelen lustig rond, over de zee van jezelf.

Nu eens valt het schijnsel hierop, dan daarop. Oh, hier zit ergernis. Ha kijk, piekergedachten over het werk. Ow, daar voel ik angst…

Snijdend door het duister van routine, van gewoonte, van onbewustzijn. En je kijkt, en je voelt… wat er te kijken valt, wat er te voelen valt.

Nu eens zijn het kalme wateren; niks aan de hand. Dan weer klotsen de baren wild tegen de kade, woedt er een storm rondom.

Maar altijd sta jij daar – of dat deel van jou – stevig op je grondvesten, dapper in de wind. Onvermurwbaar sterk gebouwd.

Ja, hoor, die lichttoren zit in jou.

Door zo veel en zo vaak mogelijk licht te schijnen op de altijd deinende golven van je gevoelens, emoties, gedachten… help je jezelf te navigeren.

Je laat welwillend al die scheepjes – bang, gefrustreerd, verdrietig, geërgerd, radeloos… – hun koers verderzetten. Laat ze maar varen. Licht ze bij.

Vóór ze op de klippen botsen en je helemaal overspoelen. En zelfs in dat geval: blijf maar schijnen, en kijken – hoe moeilijk ook.

Maak er een sport van, een levenskunst. Om de vinger aan de pols van je binnenwereld te houden. Die is gewoonweg té interessant; je doet haar oneer aan door er niet voortdurend attent op te zijn.

En ga maar te werk als een nauwgezette vuurtorenwachter: hou een logboek bij, maak notities, schrijf op.

Je zult zien, gaandeweg zullen de schepen daar op zee zich meer en meer oriënteren op jouw vaste basis. Jouw licht dat blijft schijnen, hoe akelig ook de omstandigheden. Dat is hun houvast, en het is jouw houvast.

Ontsteek het vuur, vul de olie aan…

Je binnenzee wacht op die lichtbundel.

Vorige
Vorige

Ideeën uit de grote grabbelton der filosofie die behoorlijk heilzaam kunnen zijn voor het gemoed en in het algemeen ter verlichting van de existentiële kramp, deel I

Volgende
Volgende

‘Je kunt alles zijn wat je wil’